Jurisprudentie

Met de kanttekening dat slechts een beperkt deel van de jurisprudentie wordt gepubliceerd, wordt Nederlandse jurisprudentie over klokkenluidersbescherming in grote mate bepaald door uitspraken op Europees niveau. Het betreft hier uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Om als melder van misstanden een beroep te kunnen doen op deze bescherming dient aan een aantal voorwaarden te zijn voldaan. Uitspraken waaruit die voorwaarden en daarop volgende bescherming blijken zijn de volgende:

EHRM d.d. 12 februari 2008 (Guja/Moldavië)
EHRM d.d. 21 juli 2011 (Heinisch/Duitsland)

De doorwerking van deze uitspraken in de Nederlandse jurisprudentie blijkt bijvoorbeeld uit de uitspraak (arrest) van de Hoge Raad d.d. 26 oktober 2012 (Quirijns/TGB): ECLI:NL:PHR:2012:BW9244 Hoge Raad, 26-10-2012, 11/04190

De doorwerking heeft zowel betrekking op de publieke sector (Ambtenarenrecht) als op de private sector (overige werknemers inclusief overheidsmedewerkers waarvoor het Ambtenarenrecht niet van toepassing is).

UITSPRAKEN PUBLIEKE SECTOR

  • Centrale Raad van Beroep

2013
ECLI:NL:CRVB:2013:855 Centrale Raad van Beroep, 04-07-2013, 12-1120 A
Inhoudsindicatie: “Met de rechtbank wordt is geoordeeld dat het college op voldoende grondslag de tijdelijke aanstelling van appellant niet heeft verlengd. Appellant had immers zelf te kennen gegeven om reden van zijn geweten niet in staat te zijn de hem opgedragen werkzaamheden te verrichten overeenkomstig de werkwijze van de dienst. Dat aan deze opstelling van appellant binnen redelijke tijd een einde zou kunnen komen is in het geheel niet aannemelijk.”

  • Rechtbank

2015
ECLI:NL:RBDHA:2015:4365 Rechtbank Den Haag, 17-04-2015, AWB – 13 _ 9916 en SGR 14-867
Inhoudsindicatie: “Ontslag op andere gronden als bedoeld in artikel 8:8, eerste lid, van de CAR/UWO; onherstelbare vertrouwensbreuk.”

2014
ECLI:NL:RBROT:2014:792 Rechtbank Rotterdam, 06-02-2014, 13/7563
Inhoudsindicatie: “Verzoek om voorlopige voorziening, strafontslag klokkenluider Rotterdam in verband met moskee-internaat, verzoek toegewezen.”

 

UITSPRAKEN PRIVATE SECTOR

  • Hoge Raad

2012
ECLI:NL:PHR:2012:BW9244 Hoge Raad, 26-10-2012, 11/04190
Inhoudsindicatie:  “Arbeidsrecht; art. 7:611, 677 BW. Onmiddellijke opzegging door werknemer in verband met interne misstanden bij werkgever (bank). Dringende reden? Doorspelen van vertrouwelijke informatie door werknemer aan cliënt van werkgever gerechtvaardigd door uit wet- en regelgeving en interne regels en gedragscodes voortvloeiende verplichtingen? Art. 4:88 Wet financieel toezicht (Wft); art. 167 e.v. Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen (Bgfo). Vordering op de voet van art. 843a Rv.”

  • Rechtbank / Kantonrechter

2015
ECLI:NL:RBMNE:2015:93 Rechtbank Midden-Nederland, 14-01-2015, handel 348110 kanton 2930190
Inhoudsindicatie: “Vordering op grond van onrechtmatige daad door werknemer lokale Rabobank tegen centrale Rabobank in verband met onvoldoende bescherming op grond van de klokkenluidersregeling. Afwijzing. Vordering tegen lokale Rabobank eveneens afgewezen (Baijings).”

2014
3565280 14-6983 Uitspraak Kantonrechter Middelburg, 23-12-2014
Inhoudsindicatie:
Ontbindingsverzoek (ontslag) afgewezen. Bevestiging ‘situationele’ arbeidsongeschiktheid. Handhaving huidige functie en loondoorbetaling. Toereikende aanwijzingen voor de huidige status (en waarborgen) als klokkenluider. Bevestiging van het spreken van onwaarheid door het bevoegde gezag (wederpartij). Verankering van de positie en de rol (in casu) van de (Stichting) Expertgroep Klokkenluiders.

ECLI:NL:RBROT:2014:2730 Rechtbank Rotterdam, 08-04-2014, ktn-2766562 – VZ VERZ 14-1206-08042014
Inhoudsindicatie: “Verzoek ontbinding arbeidsovereenkomst. De werknemer is arbeidsongeschikt wegens psychische problemen, nadat hij misstanden binnen het bedrijf extern gemeld had (Klokkenluider). Er wordt een vergoeding toegekend met C-factor 1.7.″ (Zie in haar uitspraak de rol en positie van de Expertgroep Klokkenluiders).

2012
ECLI:NL:RBAMS:2012:BY2965, Rechtbank Amsterdam, 13-11-2012, 528116 / KG ZA 12-1427 MW/EB
Inhoudsindicatie: “Het VUmc hoeft eiser niet als afdelingshoofd Longziekten terug te laten keren. Wel kan hij zijn werk als hoogleraar en medisch specialist gewoon weer oppakken.”

2010
ECLI:NL:RBALK:2010:BP1028 Rechtbank Alkmaar, 26-10-2010, 339388 \ OA VERZ 10-194
Inhoudsindicatie: “Tussenbeschikking. Ontbinding arbeidsovereenkomst. De kantonrechter overweegt dat de ‘klokkenluider’ zijn onvrede over de wijze waarop het Nova College het gestelde disfunctioneren van hem heeft opgepakt en begeleid, kenbaar had dienen te maken door de gebruikelijke weg te bewandelen, te weten langs zijn leidinggevende, naar diens leidinggevende en ten slotte naar het college van bestuur. Door dit niet te doen en in plaats hiervan te kiezen voor de klokkenluidersregeling heeft hij de onderlinge verhoudingen op scherp gezet. Daarnaast kan gesteld worden dat Nova College de klokkenluidersregeling niet met de gepaste zorgvuldigheid heeft uitgevoerd. Nova College wordt in de gelegenheid gesteld om een berekening te overleggen betreffende een bovenwettelijke wachtgeldregeling.”

2009
ECLI:NL:RBBRE:2009:BI1633 Rechtbank Breda, 14-04-2009, 520213 az 08-295
Inhoudsindicatie: “klokkenluider” heeft zijn beschuldigingen (financiële malversaties) ten aanzien van zijn leidinggevende naar de mening van werkgeefster niet hard kunnen maken. Nu werknemer blijft volharden in zijn beschuldigingen is het vertrouwen van werkgeefster in werknemer komen te vervallen en heeft zij op grond van een verandering van omstandigheden een ontbindingsverzoek ingediend. Werkgeefster is daarbij van mening dat aan werknemer geen vergoeding dient te worden toegekend. Werknemer concludeert tot afwijzing van het verzoek; in geval van ontbinding vindt hij dat daaraan een vergoeding moet worden verbonden, berekend met een correctiefactor van minimaal 1,75 (= € 84.996,84 bruto). Betreffende leidinggevende is plotseling bij werkgeefster vertrokken om redenen die volgens werkgeefster geen verband zouden houden met de vermeende malversaties. Verwijzing naar mediation. Die is beëindigd zonder dat partijen overeenstemming hebben bereikt. Werkgeefster heeft tijdens de mondelinge behandeling afstand gedaan van haar intrekkingsbevoegdheid. De kantonrechter ontbindt met een vergoeding van € 48.500,00 bruto.”